Hart van Hoorn luidt de noodklok over de ernstige woonomstandigheden in een reeks huurwoningen aan de Venenlaan. Het gaat om circa dertig woningen van woningcorporatie Intermaris, waar bewoners al jarenlang kampen met hardnekkige vocht, lekkage en schimmelproblemen. Fractievoorzitter Chris de Meij bezocht samen met bewoners meerdere woningen en spreekt van zorgwekkende situaties.
“Wat wij binnen hebben gezien is ronduit schokkend,” aldus De Meij. “Schimmel in woon- en slaapkamers, natte muren en lekkages die telkens terugkeren. Dit zijn geen kleine gebreken meer, dit zijn woningen waar mensen ziek van kunnen worden.” Volgens Hart van Hoorn gaat het om structurele problemen die het woonplezier en de gezondheid van bewoners ernstig aantasten.
De woningen dateren uit circa 1918 en zouden volgens bewoners voor het laatst grootschalig zijn gerenoveerd in 1987. Bewoners geven aan al jaren te wachten op noodzakelijk onderhoud. Hoewel Intermaris heeft aangegeven dat groot onderhoud in 2026 gepland staat, ontbreekt tot op heden een concrete planning. Hierdoor blijven bewoners in onzekerheid over hun woonsituatie.
Naast vocht- en schimmelproblemen melden bewoners ook hoge stookkosten en slechte isolatie. Zo zou een huishouden in december een energierekening van ongeveer 500 euro hebben betaald. Ook is er volgens Hart van Hoorn zelfs sprake van een bewoner zonder centrale verwarming. “Dit laat zien dat het probleem verder gaat dan achterstallig onderhoud alleen. Mensen betalen hier de prijs voor,” stelt De Meij.
Hart van Hoorn heeft Intermaris per brief opgeroepen om op korte termijn met bewoners in gesprek te gaan, een duidelijke en concrete onderhoudsplanning te presenteren en direct tijdelijke maatregelen te nemen. Daarbij denkt de partij aan herstel van daken, verbetering van ventilatie en het aanpakken van schimmel en lekkages. Ook pleit Hart van Hoorn voor een onafhankelijk technisch onderzoek naar de staat van de woningen en het binnenklimaat. “Niemand zou in Hoorn gedwongen moeten wonen in omstandigheden die hun gezondheid in gevaar brengen,” aldus De Meij.




